Orakel

Iedereen was er. Mensen drongen naar voren om dichter bij het houten podium te komen, het podium dat zo belangrijk was geworden voor ons dorp. Hier hielden we feesten, kwamen we samen, en spraken de goden tot ons via Orella. Als klein meisje had ik het een betoverende plek gevonden, bijna net zo betoverend als Orella zelf.
Nerveuze spanning groeide zodra ons Orakel het podium op kwam. Stilte daalde neer over de menigte. Ik probeerde rustig door te ademen, niet op te vallen, maar ik had mensen zien kijken.
Achterdocht gewikkeld in een deken van medelijden.

‘Vrienden,’ sprak Orella. Ze glimlachte en spreidde haar armen, alsof ze ons allen omhelsde. Haar blote tenen piepten onder haar gewaad vandaan. Alleen bij vrieskou droeg Orella schoenen, zodat ze altijd geaard was.

Nog zoiets dat ik als klein meisje betoverend had gevonden. Alsof Orella niet alleen een lijntje had naar de goden boven ons maar ook altijd in verbinding stond met de aarde onder onze voeten. Vele jaren had ik haar aanbeden, zoals de rest van onze gemeenschap. Hoewel er twijfel in mijn hart huisde. De enige keer dat ik ooit een tik van mijn moeder heb gekregen was toen ik haar had gevraagd of Orella wel eens loog. Natuurlijk niet. Orella wéét. Zij ziet waar wij blind zijn.
Toen wist ik nog niet van mijn gave. De goden moesten me goedgezind zijn, dat ik het al die tijd verborgen had kunnen houden.

‘Jacob?’ Orella keek met een droevige blik toe hoe de man naar voren kwam. Hij strompelde het houten podium op, viel naar voren en pakte snikkend de paarse rok van het Orakel beet.
‘Zeg me dat ze nog leeft,’ smeekte hij. Zijn woorden waren gedrenkt in wanhoop. Stroperig en moeilijk weg te slikken. Ik wilde wegkijken, hem niet binnen laten, maar ik moest hier zijn voor mijn zusje.
Orella sloot haar ogen en legde haar hand op de bevende man voor haar. Met ingehouden adem wachtte ik af, wachtte iedereen af. Spanning zoemde door mijn lijf, door het publiek.

‘Water, zoveel water,’ sprak ze. Boven haar lichtjes openhangende mond stak een dikke, grijze snorhaar. ‘Ik zie… tanden. Scherpe tanden, hongerige bekken.’ Ze hapte naar adem.
De leugen smaakte bitter op mijn tong. Haar woorden vloeiden van haar mond in de mijne, als een kus waar ik geen deelnemer van wilde zijn.

Haat en angst bewogen schokkerig door de menigte heen. Niemand sprak, maar hun emoties waren luid. Het imago van mijn zusje was al kapot voordat het vonnis kwam.
Onder mijn mantel pulkte ik aan een velletje naast mijn nagel. Het gaf me iets om me op te focussen terwijl ik zo stil mogelijk bleef staan. Op iets anders dan de smaak en de beelden die zich aan me opdrongen.

‘Het spijt me, lieve Jacob. Het is zoals ik vreesde. Ze is gedood voor het kwaad. Door het kwaad.’
Ik inhaleerde scherp in toen het verdriet me als een tsunami van vlammen overspoelde. Niet mijn verdriet. Het verdriet van een vader. Hij huilde als een gewond dier. Het was een soort pijn dat zijn ziel in tweeën spleet, iets wat nooit meer te lijmen viel. Ik sloot mijn ogen, brandde de connectie tussen hem en mij kapot.

Een hand op mijn schouder vroeg mijn aandacht. ‘Ik weet het lieverd,’ fluisterde mijn moeder. Zelfs in die fluistering hoorde ik de tranen waar ze tegen moest strijden. Ik vroeg me af wat haar verdriet voedde: het verlies van haar dochter aan het kwaad, of het verlies van haar dochter aan hekserij. Ze wist niet dat daar een verschil tussen zat. Zacht voegde ze toe: ‘Je moet sterk zijn.’
Een druppel spatte uiteen op mijn neus, en ik keek omhoog, naar het wolkendek die de ochtendzon verstopt hield. Alles aan deze ochtend was grauw. Het weer, Orella, de harten van mijn vrienden en familie.

‘Breng haar naar mij,’ commandeerde Orella. Spanning schoot als een bliksemschicht door mijn buik. Twee mannen liepen naar het stenen huisje, dat bekend stond als het strafhuis. Ze sleepten mijn zusje eruit en het podium op, haar lichaam zo zwak dat ze amper op haar benen kon staan. Toen ze haar los lieten viel ze neer, voor de voeten van Orella.
Langzaam hief mijn zusje haar hoofd. Haar lange blonde haar was vuil en mijn hart haperde toen ik opmerkte dat er hier en daar hele plukken waren afgeknipt. Het vergde al mijn zelfbeheersing om te blijven staan. Ik wist nog niet waar ik haar van moest redden, hoewel het strakke gevoel in mijn borst steeds beklemmender werd.

We scheelden maar een jaar, Evelyn en ik. Ze was zachtaardig en vriendelijk, en ze was onschuldig. Dat wist ik zeker. Dat voelde ik, zoals ik de leugens van Orella kon proeven.
Orella hield haar ogen strak op mijn zusje gericht. ‘Heks,’ siste ze. Luide stemmen lieten horen wat ik kon voelen. Meer druppels vielen uit de hemel. De wind trok op, alsof Orella met haar ijzige blik de kou opriep, hoewel ik zeker wist dat ze zoiets niet kon. Ze bezat geen magie, geen lijntje naar de goden, geen verbinding met de aarde. En ze was als de dood voor iedereen die dat mogelijk wel had. Ik wist niet waarom ze mijn zusje moest hebben, maar wel dat ze de verkeerde zus had gekozen.

‘Heks!’ riep iemand. Snel volgden er meer. Ik keek naast me, naar mijn moeder die met trillende lip haar ogen op haar jongste kind gericht had.
‘Heks,’ riep mijn moeder mee, en het woord baande zich een pijnlijke weg recht naar mijn hart. Ik wist wat het woord voor haar betekende.
Orella hief haar hand en maande haar volgelingen tot stilte. Ze keek neer op Evelyn. ‘Je hebt een onschuldige van haar leven beroofd voor je toverkracht.’
Evelyn keek met een ruk op. ‘Ik heb helemaal n-‘

Een harde klap in het gezicht legde haar het zwijgen op. Ik klemde mijn kaken op elkaar.
Orella’s ogen waren groot, haar mond strak gespannen. Ze hief haar kin in de lucht, wendde zich tot het volk. ‘Een onschuldig meisje, in de bloei van haar leven. Vermoord voor het kwaad. Door het kwaad.’ Ze liet haar ogen over de mensen voor haar gaan. ‘De goden eisen een gepaste straf.’
Paniek klauwde in mijn binnenste. Ze ging het echt doen.

Evelyn draaide haar gezicht naar de menigte, haar bange ogen zochten iemand. Mij, of mijn moeder. Ik maakte me langer, wilde bijna roepen, en toen zag ik aan haar gezicht dat ze haar doel had gevonden. De angst verzachtte, een kleine glimlach verscheen op haar gezicht. Ik volgde haar blik en zag donkere krullen waarvan ik meteen wist dat ze bij Caleb hoorden, de kleinzoon van Orella. Hij wendde zijn gezicht af en keek opzij, waardoor ik zijn gepijnigde blik kon zien. Ik hapte naar adem.
Evelyn en Caleb? Hoe had ze dat voor me verborgen weten te houden?
Mijn zusje zakte in elkaar, alsof een koordje binnenin haar brak. Ik klemde mijn hand tegen mijn borst. Onder het pijnlijke, scheurende gevoel was het warm en krachtig. Mijn liefde voor haar overstemde de haat die om ons heen vlamden.

Orella spreidde haar armen. ‘Laat jullie harten spreken.’
‘Dood haar,’ gromde Jacob.
‘Nee,’ fluisterde ik.
Caleb staarde naar de grond. Misschien wist Orella van de liefde tussen hem en Evelyn. Had ze daarom Evelyn uitgekozen?
De menigte werd bozer, de regendruppels kwamen sneller, en ik nam een besluit dat mijn leven zou veranderen. Ik greep naar de dolk onder mijn mantel en baande me een weg naar Caleb. Hij keek even verbaasd toen ik hem naar de zijkant trok, de menigte uit, en had geen tijd om te reageren toen ik het mes tegen zijn keel zette.
‘Orella,’ riep ik. Haar ogen hadden de mijne gevonden. Schok golfde door haar ogen, en door het publiek. Boze stemmen vielen stil.
Caleb was geen zwakke man. Was het ’t scherpe lemmet tegen zijn vlees dat hem koest hield, of was zijn liefde voor Evelyn oprecht?

‘Een leven voor een leven,’ zei ik. ‘Geef me mijn zusje. Dan blijft je kleinzoon ongedeerd.’
‘Als je een leven neemt voor een heks, ben je geen haar beter dan het kwaad.’
‘Laat haar gaan.’ Ik drukte de dolk steviger tegen Calebs nek. Hij huiverde zodra er een druppel bloed vrij kwam.
Orella keek met een strakke trek rond haar mond naar Evelyn. ‘Ga.’

Mijn zusje strompelde het podium af. Woedende gezichten volgden haar, en in de zee van boze ogen vond ik die van mijn moeder. Ze drukte haar hand tegen haar lippen. Ik proefde verdriet, maar ook de zure smaak van afkeer. Nooit meer zouden we welkom zijn, geen van ons twee, en als we het niet slim speelden zouden we gedood worden voordat we het dorp uit konden komen.
Caleb was ons schild. Onze kans om weg te kunnen komen. Ik schuifelde naar achteren, met hem in mijn grip en mijn zusje aan mijn zijde, op weg naar een compleet ander bestaan.

Emily Ringeling

Auteur van fantasy en thrillers

Volg haar op Instagram: @emilyringeling

"

Karin heb ik leren kennen als kattenmens. Ze is poeslief in het luisteren naar moeite die je hebt om iets op te schrijven, maar als ze het te pakken heeft, zet ze al haar nagels erin. Ze bewerkt, gooit het overhoop, speelt ermee, tot ze ziet dat jij ermee verder kunt. Dank je wel Karin, voor wat je hebt gedaan bij het verwerken van de boeken!

Gijsbert van de Sluijs

Karins manier van werken is heel motiverend. Haar tips, suggesties en ideeën zijn een inspiratie. Soms is het net alsof ze mijn personages beter doorziet dan ik.

Rowena de Wit

Karin nam de tijd om mijn manuscript te lezen en zag steeds nieuwe aanknopingspunten om te verbeteren. Ze wist mij telkens te motiveren om te blijven schrijven door haar enthousiasme en betrokkenheid. Ik heb veel aan haar coaching gehad.

Saskia van Veen

Karin is een inspiratie voor alle fantasy schrijvers. Karin creëert een fantasy wereld buiten de kaders om. Ze houdt zich niet aan de traditionele regels van dit genre en motiveert andere schrijvers om een eigen unieke wereld te bouwen.

Fatimah Ali – know-yourmagic.com

Ik ben met Karin in contact gekomen toen zij een vormgever nodig had voor haar fantasyboeken. We hadden meteen een klik, wat resulteerde in fijn en persoonlijk contact. Ik heb vooral genoten van onze co-creatie, waar Karin’s verhalen en mijn visuele interpretaties constant met elkaar in gesprek waren.

Lisanne Versteeg

Ik heb Karin leren kennen als een super enthousiast, gedreven en positief ingestelde coach. Als je het even niet meer weet, luistert ze naar jou en geeft bruikbare tips en adviezen. Door haar creativiteit en fantasie kan ze zich makkelijk verplaatsen in jouw verhaal en doodgelopen plot weer op gang te helpen. Dit doet ze door jou duidelijk een spiegel voor te houden en door structuren te bieden. Geduldig helpt ze je weer verder, zodat je met een YES weer vrolijk verder gaat.

Maarten Moll

Karin heeft mij enorm geholpen met mijn boek. Ze heeft ernaar gekeken en mij geholpen om een uitgever te vinden.

Ik ben heel dankbaar voor de hulp die ze me heeft gegeven.

Ilse Baars

Stuur me een berichtje

Vraag een gratis adviesgesprek aan!

Of bel direct

06 – 48641468

Locatie

Oude Huijbergsebaan 299

4625 CK

Bergen op Zoom

Openingstijden

Maandag t/m vrijdag 09:00 uur t/m 15:30 uur, zaterdag van 09:00 – 12:00 uur, zondag gesloten.

error: Content is protected !!